Hier voelt het als thuis
ook al is er niemand die ik ken,
of wil kennen voor dat geld,
koop je hier één whiskey,
koop je daar een halve wijn.
Het voelt goed om beschreeuwd te worden,
het voelt goed om thuis te zijn.
Maar daarentegen, hoe dan ook;
niemand die mij daar bebloed,
beroofd, berookt, beschimpt of bestinkt.
Niemand die daar lam, dan van de drank,
of stomgerookt; stoned van stuff mijn spul omgooit.
Er is daar ruimte voor gesprek,
'de conversatie' als het ware.
Kletsen vergezeld van warme klanken,
die doen denken aan de jazz.
In plaats van schril geschreeuw van een gitaar.
dat gejank, te danken aan jammend gejammer
van hersenmanke punks.
Het stinkt: het riekt hier,
naar rottend bier op kots,
op bier op kots op kale grond
gemaakt van steen.
Ten overstaande van sigaarlucht en leder,
de grond bekleed met linoleum.
Het is net een museum en de
suppoost die draagt een vlinderdas,
hesje en gestreken pantalon.
De algehele sfeer, de ambiance een salon
waar jarenvijftigyuppen dansen.
Zij hebben geen 'r',
die rolt aldaar bij de rakkers
rakelings langs de lippen,
de laatste letter van Ben Hur
kan daar kantjeboord aan tippen.
De 'hurrr' in V A D E Hurr.
Het gaat daar van:
Mijn vader dit, mijn vader dat,
mijn vader vergezeld van vergelend geld,
op de buitenlandse beurzen een held,
die liefdevol zijn flappen telt
maar zich pas na een jaar
weer bij zijn vrouw meldt
haar dan begroet met dure diamanten
en zijn handenvol met huisgeweld.
Mijn vrienden vinden dit vies, dit hier.
Die vinden de stank naar en het bier,
raar, maar wel goedkoop,
Er is weinig voor te zeggen,
maar wel heb ik altijd hoop,
dat we hier naartoe gaan als alles dicht is,
dat als we hier langs fietsen het binnen nog licht is.
Dat zij hier dan zitten is voldongen
gedwongen en/of opgedrongen,
want ik wil hoe dan ook mijn whiskey.
De dingen die ik nú zie.
Mijn zelf, mijn mij, ik ben nog niet klaar,
niet voor mijn haar strak naar achter,
een jas als een verkrachter,
niet voor sigarenlucht, pakken en polo's.
Dit is waar ik hoor,
hoor maar en kijk,
verder dan je oren lang zijn
en je dubbele kin dik.
Deze mensen hebben levens,
geen ritme, rietjes, vaste prik,
citroentjes, kunstmatige smaaktoffen,
kleurstoffen of conserveringsmiddelen.
Dit is echt, de smaak, de stank, de drank,
de mensen.
Ik houd zo zielsveel van mijn stamkroeg.
No comments:
Post a Comment